Announcing: BahaiPrayers.net


More Books by Nieuwe Testament

NT 01 Mattheus
NT 02 Markus
NT 03 Lukas
NT 04 Johannes
NT 05 Handelingen
NT 06 Romeinen
NT 07 1Corinthiërs
NT 08 2Corinthiërs
NT 09 Galaten
NT 10 Epheziërs
NT 11 Philippenzen
NT 12 Colossenzen
NT 13 1Thessalonica
NT 14 2Thessalonica
NT 15 1Timotheus
NT 16 2Timotheus
NT 17 Titus
NT 18 Philemon
NT 19 Hebreën
NT 20 Jakobus
NT 21 1Petrus
NT 22 2Petrus
NT 23 1Johannes
NT 24 2Johannes
NT 25 3Johannes
NT 26 Judas
NT 27 Openbaringen
Free Interfaith Software

Web - Windows - iPhone








Nieuwe Testament : NT 17 Titus
Titus 1

1:1 Paulus, een dienstknecht Gods en een apostel van Jezus Christus, terwille van het geloof der uitverkorenen Gods, en de kennis der waarheid, die tot de godzaligheid leidt,

1:2 in de hope des eeuwigen levens, hetwelk God, die niet liegt, beloofd heeft V��r de tijden der wereld, maar te zijner tijd heeft Hij

1:3 zijn woord geopenbaard door de prediking, die mij is toebetrouwd, naar het bevel van God, onzen Heiland, --aan mijnen oprechten zoon Titus, naar ons gemeenschappelijk geloof:

1:4 Genade, barmhartigheid, vrede van God, den Vader, en van den Heere Jezus Christus onzen Heiland!

1:5 Daarom liet ik u te Creta, opdat gij het verdere zoudt in orde brengen wat nog onafgedaan was en in iedere stad oudsten aanstellen, gelijk ik u bevolen heb:

1:6 indien iemand onberispelijk is, ��ner vrouwe man met gelovige kinderen, die niet van losbandigheid te beschuldigen of ongehoorzaam zijn.

1:7 Want een opziener moet onberispelijk zijn, als een huishouder Gods, niet eigenzinnig, niet licht vertoornd, niet aan den wijn verslaafd, geen geweldenaar, geen schandelijk gewin zoekende;

1:8 maar matig, gastvrij, het goede liefhebbend, rechtvaardig, heilig, kuis;

1:9 die vasthoudt aan het betrouwbare woord, naar de leer, opdat hij in staat zij om te vermanen door de heilzame leer, en de tegensprekers te bestraffen.

1:10 Want velen zijn ongeregeld, ijdele klappers en verleiders, inzonderheid die uit de besnijdenis zijn,

1:11 wien men den mond moet stoppen, daar dezulken gehele huizen omkeren door te leren hetgeen niet betaamt, om schandelijk gewin.

1:12 Een uit hen, hun eigen profeet, heeft gezegd: De Cretenzers zijn altijd leugenaars, kwade beesten en luie buiken.

1:13 Deze getuigenis is waar. Daarom bestraf hen scherp, opdat zij gezond mogen zijn in in het geloof,

1:14 en geen acht geven op de Joodse fabelen en geboden van mensen, die zich van de waarheid afwenden.

1:15 Den reinen is alles rein, maar den onreinen en ongelovigen is geen ding rein, maar onrein zijn beide, hun zin en geweten.

1:16 Zij zeggen, dat zij God kennen, maar met de werken verloochenen zij hem, daar zij verfoeielijk en ongehoorzaam zijn en tot alle goed werk ongeschikt.

Titus 2

2:1 Maar gij, spreek gelijk het betaamt, naar de heilzame leer;

2:2 dat de oude mannen nuchter zijn, achtbaar, bezadigd, gezond in het geloof, in de liefde, in de standvastigheid;

2:3 dat de oude vrouwen insgelijks zich gedragen gelijk den heiligen betaamt, dat zij geen lasteraarsters zijn, niet aan den wijn verslaafd, leermeesteressen van het goede,

2:4 dat zij de jonge vrouwen vermanen hare mannen en hare kinderen lief te hebben,

2:5 zedig te zijn, kuis, huiselijk, vriendelijk, haren mannen onderdanig, opdat het woord Gods niet gelasterd worde.

2:6 Vermaan desgelijks de jonge mannen, dat zij zich verstandig gedragen.

2:7 Stel uzelven overal tot een voorbeeld van goede werken, met onvervalste leer, met waardigheid, met oprechtheid,

2:8 met heilzame en onberispelijke woorden, opdat de tegenpartij zich schame en niets kwaads van ulieden te zeggen hebbe.

2:9 Vermaan de knechten, dat zij hunnen heren onderdanig zijn, dat zij in alle dingen behaaglijk zijn, niet tegenspreken,

2:10 niets ontvreemden, maar alle goede trouw betonen, opdat zij de leer van God, onzen Heiland, in alles versieren.

2:11 Want de heilaanbrengende genade Gods is verschenen aan alle mensen,

2:12 en onderwijst ons, dat wij moeten verloochenen de goddeloosheid en de wereldse lusten, en matig, rechtvaardig en godzalig leven in deze wereld,

2:13 en verwachten de zalige hoop en verschijning der heerlijkheid van den groten God en onzen Heiland Jezus Christus,

2:14 die zichzelven voor ons gegeven heeft, opdat hij ons zou verlossen van alle ongerechtigheid, en zichzelven een volk ten eigendom reinigen, dat naarstig zij in goede werken.

2:15 Spreek dit, en vermaan en bestraf met allen ernst. Laat niemand u verachten.

Titus 3

3:1 Maak hun indachtig, dat zij den overheden en machten onderdanig en gehoorzaam zijn, dat zij tot alle goed werk bereid zijn,

3:2 niemand lasteren, niet twisten, toegeeflijk zijn, alle zachtmoedigheid jegens alle mensen betonen.

3:3 Want wij waren ook eertijds onverstandig, ongehoorzaam, dwalende, dienende de begeerlijkheden en menigerlei lusten, wandelende in boosheid en nijdigheid, hatelijk en elkander hatende;

3:4 maar toen de vriendelijkheid en de menslievendheid van God, onzen Heiland, verscheen,

3:5 maakte Hij ons zalig, niet om de werken der gerechtigheid, die wij gedaan hadden, maar naar zijne barmhartigheid, door het bad der wedergeboorte en vernieuwing des Heiligen Geestes,

3:6 dien Hij rijkelijk over ons heeft uitgestort door Jezus Christus, onzen Zaligmaker;

3:7 opdat wij, door zijne genade gerechtvaardigd, erfgenamen des eeuwigen levens zouden zijn, naar de hoop.

3:8 Het is een betrouwbaar woord, en ik wil, dat gij dit bevestigt, opdat degenen, die aan God gelovig zijn geworden, in een staat van goede werken bevonden worden; dit is den mensen goed en nuttig.

3:9 Maar ontsla u van dwaze vragen, van geslachtsregisters, twisten en geschillen over de Wet; want zij zijn onnut en ijdel.

3:10 Onttrek u aan een scheurmaker, als hij eens of tweemaal vermaand is;

3:11 daar gij weet, dat zulk een van den rechten weg af is en zondigt, als die zichzelven veroordeelt.

3:12 Als ik Artemas of Tychicus tot u zenden zal, kom dan spoedig tot mij te Nicopolis, want ik heb besloten den winter aldaar over te blijven.

3:13 Rust Zenas, den wetgeleerde, en Apollos met zorgvuldigheid uit, opdat hun niets ontbreke.

3:14 En laat ook de onzen leren, dat zij zich toeleggen op goede werken, waar men hen nodig heeft, opdat zij niet onvruchtbaar zijn.

3:15 U groeten allen, die bij mij zijn. Groet hen, die ons liefhebben in het geloof. De genade zij met u allen! Amen.


Table of Contents: Albanian :Arabic :Belarusian :Bulgarian :Chinese_Simplified :Chinese_Traditional :Danish :Dutch :English :French :German :Hungarian :Italian :Japanese :Korean :Norwegian :Persian :Portuguese :Romanian :Russian :Spanish :Swedish :Turkish :Ukrainian :