Announcing: BahaiPrayers.net


More Books by Baha'i International Community

1991-11-08 Vrouwen en mannen- partnerschap voor een gezonde planeet
1992-06-04 Duurzame ontwikkeling en de menselijke geest
1993-06-14 Wereldburgerschap
1993-11-25 Het Gezin in een wereldgemeenschap
1994-08-22 Naar een Ontwikkelingsmodel voor de 21e Eeuw
1994-08-23 De Rol van Onderwijs, Opvoeding, de Media en de Kunsten bij Sociale Ontwikkeling
2005-10-01 Vrijheid om te geloven- De standaard van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens hooghouden
2006-07-02 DE ROL VAN CULTUUR EN CAPACITEIT BIJ DE UITBANNING VAN GEWELD TEGEN VROUWEN EN MEISJES
2008-02-14 Armoede uitroeien; samen vooruitgang boeken
2010-05-03 Herorientatie Op Welvaart Alternatieven bedenken voor een cultuur van consumentisme
2011-02-22 Onderwijs en opleiding voor de verbetering van de samenleving
Bahá'u'lláh
De Kitáb-i-Aqdas - Zijn plaats in de bahá'í-literatuur
De Natuur
De Welvaart van de Mensheid
Duurzame ontwikkeling en de menselijke geest
Het Gezin in een wereldgemeenschap
Naar een Ontwikkelingsmodel voor de 21e Eeuw
Vrouwen en Mannen - Partnerschap voor een Gezonde Planeet
Wereldburgerschap
Wie Schrijft de Toekomst
Free Interfaith Software

Web - Windows - iPhone








Baha'i International Community : 2010-05-03 Herorientatie Op Welvaart Alternatieven bedenken voor een cultuur van consumentisme

Tegen de achtergrond van klimaatverandering, milieuvervuiling en de schadelijkheid van extreme rijkdom en armoede heeft de transformatie van een cultuur van onbegrensd consumentisme naar een cultuur van duurzaamheid aan stuwkracht gewonnen, grotendeels dankzij de inspanningen van maatschappelijke organisaties en regeringsinstellingen in de hele wereld. Het is een transformatie die verder gaat dan goed geïnformeerd beleid en `groenere technologieën´ en die een diepgaand onderzoek vereist met betrekking tot ons inzicht in de menselijke aard en in de culturele kaders waardoor de instellingen van de staat, het bedrijfsleven, het onderwijs en de media worden aangestuurd. De vragen wat natuurlijk en wat rechtvaardig is zullen opnieuw kritisch moeten worden onderzocht. Het vraagstuk van duurzame consumptie en productie, dat bij deze Commissie onder de aandacht is, zal moeten worden bezien in de bredere context van het zieke maatschappelijke stelsel – gekenmerkt door competitie, geweld, conflict en onveiligheid – waarvan het deel uitmaakt.

Bahá´í International Community wil in zijn bijdrage aan het Commissieoverzicht van het Tienjarenkader voor Programma´s voor Duurzame Consumptie en Productie ten eerste nota nemen van de sterke punten van dit zich ontwikkelende kader en ten tweede – in lijn met de visie die hiervoor geschetst is – onderwerpen aandragen die verdere bespreking behoeven. Wat de sterke punten betreft: in het kader worden de economischemaatschappelijke- en milieuaspecten van de transitie naar duurzame consumptie en productie meegewogen, waarmee de oude onderverdeling in aparte gebieden2 wordt afgebroken; het erkent de onderlinge verbindingen tussen de thema´s van het kader (bv. opvoeding en onderwijs, institutionele capaciteitsopbouw, deelname van vrouwen, toepassing van inheemse kennis, enz.); er is geprobeerd om belanghebbenden uit de hele wereld erbij te betrekken door middel van regionale consultaties; en er worden actoren uit alle lagen van de maatschappij opgeroepen om de doelen die erin beschreven staan tot stand te brengen.

Toch, aangezien het kader de verschuiving naar duurzame consumptie en productie tracht te bevorderen – en daarbij impliciet de uitdaging aangaat met culturele waarden en normen die ten koste van alles het consumentisme hebben gestimuleerd – zullen een aantal opvattingen die er aan ten grondslag liggen onderzocht moeten worden en, in veel gevallen, herzien moeten worden teneinde de gestelde doelen te kunnen bevorderen. Dit zijn onder andere opvattingen over de menselijke aard; over ontwikkeling (en de aard van vooruitgang en welvaart); over de aard en oorzaken van recente economische crises; over technologische ontwikkelingsprocessen en over de middelen en doelen van onderwijsprocessen. Wij nodigen anderen die actief aan bevordering van duurzame consumptie en productie werken uit om over deze onderliggende kwesties met ons in gesprek te gaan teneinde van elkaars standpunten en ervaringen te leren en gezamenlijk de inspanningen om een rechtvaardige en duurzame samenleving op te bouwen te steunen.

De menselijke natuur

In de discussie over duurzame consumptie en productie neemt het vraagstuk van de menselijke aard een belangrijke plaats in, aangezien het ons aanzet om op de diepste niveaus opnieuw te onderzoeken wie wij zijn en wat ons doel in het leven is. Het mens zijn is in wezen geestelijk van aard; het is geworteld in de innerlijke werkelijkheid – of wat sommigen de ´ziel´ noemen – die wij allen met elkaar delen. De cultuur van het consumentisme heeft mensen echter gereduceerd tot concurrerende, onverzadigbare consumenten van goederen en tot voorwerp van manipulatie door de markt. Algemeen gangbare opvattingen gaan van de veronderstelling uit dat er een hardnekkig conflict bestaat tussen wat mensen werkelijk willen (meer consumeren bijvoorbeeld) en wat de mensheid nodig heeft (bijvoorbeeld gelijke toegang tot hulpbronnen). Hoe kunnen wij dan die verlammende tegenstrijdigheid opheffen waarin wij, aan de ene kant, een wereld met vrede en welvaart wensen, terwijl aan de andere kant in veel economische- en psychologische theorieën mensen als slaaf van hun eigenbelang worden afgeschilderd? De vermogens die nodig zijn voor het opbouwen van een rechtvaardiger en duurzamer maatschappelijk stelsel – gematigdheid, rechtvaardigheid, liefde, gezond verstand, opoffering en dienstbaarheid aan het algemeen welzijn – worden al te vaak als naïeve idealen afgedaan. Toch moeten juist deze, en ermee verband houdende kwaliteiten aangewend worden om neigingen als egoïsme, hebzucht, apathie en gewelddadigheid te overwinnen, trekken die vaak door de markt en politieke machten die de huidige patronen van niet-duurzame consumptie en productie aanmoedigen, worden beloond.

Visie op ontwikkeling

Op eenzelfde wijze dient een visie op duurzaamheid tot stand te komen, vanuit een publieke dialoog over de aard en het doel van menselijke ontwikkeling en welke rollen aan de voorvechters daarvan worden toegewezen.

Bahá´í International Community beschouwt de transitie naar duurzame consumptie en productie als onderdeel van de mondiale onderneming die alle mensen in staat stelt om hun tweeledige doel te vervullen, namelijk hun inherente mogelijkheden te ontwikkelen en bij te dragen aan de verbetering van de bredere gemeenschap. Het is niet voldoende duurzame consumptie en productie voor te stellen als het scheppen van kansen voor hen die in armoede leven, zodat zij in hun basisbehoeften kunnen voorzien. Integendeel, vanuit de opvatting dat elk individu een bijdrage heeft te leveren aan de opbouw van een rechtvaardiger en vreedzamer maatschappelijk stelsel, moeten deze processen op een zodanige manier worden georganiseerd dat iedereen zijn of haar rechtmatige rol als productief lid van de maatschappij kan spelen. Binnen zo een kader kunnen duurzame consumptie en productie worden gekarakteriseerd als processen die door de generaties heen voorzien in de materiële, maatschappelijke en geestelijke behoeften van de mensheid en alle mensen in staat stellen om bij te dragen aan de voortdurende vooruitgang van de samenleving.

Vooruitgang op technische- en beleidsniveaus dient nu samen te gaan met een publieke dialoog – in gelijke mate tussen plattelands- en stadsbewoners; tussen de materieel armen en de welgestelden; tussen mannen, vrouwen en jonge mensen – over de ethische grondslagen van de noodzakelijke systeemverandering. Een duurzame maatschappelijke orde onderscheidt zich onder andere door een ethiek van wederkerigheid en evenwicht op alle niveaus van de menselijke organisatie. De vergelijking met het menselijk lichaam is hier relevant: miljoenen cellen werken samen om menselijk leven mogelijk te maken. De verbazingwekkende diversiteit van vorm en functie verbindt hen in een levenslang proces van geven en ontvangen. Het vertegenwoordigt de hoogste uitdrukking van eenheid in verscheidenheid. Binnen een dergelijke orde wordt het begrip rechtvaardigheid belichaamd in de erkenning dat de belangen van het individu en van de grotere gemeenschap onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden. Het streven naar rechtvaardigheid binnen het kader van eenheid (in verscheidenheid) voorziet in een richtlijn voor collectieve beraadslaging en besluitvorming en biedt een manier aan waardoor verenigd denken en handelen bereikt kan worden.

Uiteindelijk zal de vereiste transformatie om naar duurzame consumptie en productie om te schakelen niets minder inhouden dan een organische verandering in de structuur van de samenleving zelf, zodat de onderlinge afhankelijkheid van het gehele maatschappelijke lichaam volledig weerspiegeld kan worden – alsook de onderlinge verbondenheid met de wereld van de natuur waarop het geheel steunt. Deze veranderingen, waarvan vele alreeds het onderwerp van een aanzienlijk publiek debat zijn, zijn onder meer: het bewustzijn van wereldburgerschap; de uiteindelijke federatie van alle naties door middel van een geïntegreerd bestuurssysteem met het vermogen tot mondiale besluitvorming; het vestigen van structuren die erkennen dat de natuurlijke hulpbronnen van de aarde het gezamenlijke bezit van de mensheid zijn; het vestigen van volkomen gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen; het uitbannen van alle vormen van vooroordeel; de instelling van een wereldmunteenheid en andere integrerende werkwijzen die mondiale economische rechtvaardigheid bevorderen; het aannemen van een internationale hulptaal om wederzijds begrip te vergemakkelijken; een nieuwe bestemming geven aan enorme militaire budgets en ze toewijzen aan constructieve maatschappelijke doelen.

Crisis in het huidig economisch systeem

Zoals bekend, is het heersende ontwikkelingsmodel gebaseerd op een samenleving van energieke consumenten van materiële goederen. In een dergelijk model zijn eindeloos stijgende consumptieniveaus doorslaggevende indicatoren voor vooruitgang en welvaart. Deze gepreoccupeerdheid met de productie en vermeerdering van materiële objecten en gemakken (als bronnen van zingeving, geluk en maatschappelijke acceptatie) heeft zich in de machts - en informatiestructuren gevestigd met uitsluiting van rivaliserende meningen en paradigma´s. De ongebreidelde cultivering van behoeften en wensen heeft tot een systeem geleid dat volledig afhankelijk is van overmatige consumptie door een bevoorrechte minderheid, terwijl voor de meerderheid de uitsluiting, armoede en ongelijkheid toeneemt. Elke volgende mondiale crisis – of het nu het klimaat, energie, voedsel, water, ziekte of financiële ineenstorting betreft– heeft nieuwe dimensies aan het licht gebracht van de uitbuiting en onderdrukking die inherent is aan de huidige consumptie- en productiepatronen. Er bestaat een sterk contrast tussen de consumptie van luxes en de kosten van de voorziening in basisbehoeften: basisonderwijs voor iedereen zou 10 miljard dollar kosten ; toch wordt er in de Verenigde Staten alleen al aan sigaretten jaarlijks 82 miljard dollar gespendeerd. De uitbanning van honger in de wereld zou 30 miljard dollar kosten; water en sanitaire voorzieningen 10 miljard. Ter vergelijking: in 2008 steeg het mondiale militaire budget naar 1.55 triljard dollar.

Het bekrompen materialistische wereldbeeld dat aan veel van het moderne economisch denken ten grondslag ligt heeft bijgedragen aan de ontaarding van het gedrag van mensen, de ontwrichting van families en gemeenschappen, de corruptie van openbare instellingen en de exploitatie en marginalisering van grote delen van de bevolking – vooral vrouwen en meisjes. Economische activiteit en het versterken van de economie (een proces dat economische groei kan inhouden, maar er niet synoniem mee is) spelen ontegenzeggelijk een centrale rol in het bereiken van welvaart voor een landstreek en haar bevolking. Toch zal de omschakeling naar een rechtvaardiger, vreedzamer en duurzamer samenleving vereisen dat er aandacht is voor een harmonieuze dynamiek tussen de materiële en nietmateriële (of morele) dimensies van consumptie en productie. Vooral het laatste zal essentieel zijn om de basis te leggen voor rechtvaardige en vreedzame menselijke relaties; dit behelst het genereren van kennis, het aankweken van vertrouwen en betrouwbaarheid, het uitbannen van racisme en geweld, het bevorderen van kunst, schoonheid, wetenschap, en het vermogen tot samenwerken en het vreedzaam oplossen van conflicten.

In het licht hiervan is het ook belangrijk de nadruk te leggen op de verhouding tussen productie en werkgelegenheid als een cruciaal bestanddeel van een sterke economie. Te vaak gaat een toenemende productiviteit gepaard met decentralisatie of een overstap naar automatisering en dus oplopende werkeloosheid. Een eenzijdige gerichtheid op winstmaximalisatie heeft ook reductie van arbeidskrachten veroorzaakt. Onder het huidige systeem stijgt de werkeloosheid of is er onvoldoende werkgelegenheid en het merendeel van de wereldbevolking verdient niet genoeg om in hun basisbehoeften te voorzien. Degenen die in armoede leven hebben in zo´n systeem geen middelen om zich te uiten. Duurzame productie is niet simpelweg een kwestie van ´groenere technologie´, maar moet veeleer systemen met zich meebrengen die alle mensen in staat stellen bij te dragen aan het productieve proces. In zo´n systeem is iedereen producent en allen hebben de kans om genoeg te verdienen (of te ontvangen als men niet kan verdienen) om in hun behoeften te voorzien. Arbeid is meer dan alleen maar het middel om rijkdom te vergaren en basisbehoeften te vervullen. Werk speelt in de gemeenschap een rol bij het ontwikkelen van iemands talenten, het verfijnen van het karakter, het dienstbaar zijn en het bijdragen aan de vooruitgang van de samenleving.

Technologische ontwikkeling

In het Kader voor Programma´s wordt nadruk gelegd op het belang van technologieoverdracht en kennisdelen om duurzame niveaus van consumptie en productie te bereiken. Maar toch worden de meeste technologische ontwikkelingen aangedreven door krachten van de markt die niet de basisbehoeften van de wereldbevolking weerspiegelen. Het accent leggen op overdracht van technologie die niet gepaard gaat met inspanningen om deelname aan het genereren en toepassen van kennis te vergroten, kan bovendien de kloof tussen rijken en armen – de ´ontwikkelaars´ en de ´gebruikers´ van technologie - slechts breder maken. Het ontwikkelen van het vermogen om de behoefte aan technologie te kunnen bepalen en om technologisch te kunnen innoveren en aanpassen – uitgaande van maatschappelijke noden en milieueisen - zal van vitaal belang zijn voor maatschappelijke vooruitgang. De transformatie van complexe maatschappelijke werkelijkheden zal vereisen dat zich in plaatselijke bevolkingen institutionele capaciteit ontwikkelt om kennis te creëren en toe te passen op manieren die tegemoet komen aan de specifieke behoeften van die bevolking. Deze kwestie van institutionele capaciteit (bv. de vestiging van regionale centra voor onderzoek en training) vormt een grote uitdaging voor duurzame ontwikkeling. Als deze echter met succes wordt aangegaan zal het resultaat zijn dat de huidige onevenwichtige stroom van kennis in de wereld wordt gestopt en dat ontwikkeling wordt losgekoppeld van slecht ontworpen moderniseringsprocessen. ´Moderne technologie´ zal zich kenmerken door een oriëntatie op de vervulling van plaatselijk bepaalde behoeften en op prioriteiten die rekening houden met zowel de materiële als de morele welvaart van de samenleving als geheel.

Opvoeding en onderwijs

In het Kader voor Programma´s wordt vastgesteld dat twee van de programma´s die de implementatie van duurzame patronen van consumptie en productie kunnen ondersteunen die van onderwijs en de opbouw van institutionele capaciteit zijn. Echter, als de diepgaande verandering in het denken van mensen en in de structuren van de samenleving hierdoor moet worden bewerkstelligd (de noodzakelijke verandering naar duurzaamheid), zal de aard van het onderwijsproces opnieuw moeten worden doordacht. Om te beginnen dient het onderwijsprogramma gebaseerd te zijn op een duidelijk beeld van het soort maatschappij waarin wij willen leven en het soort mensen die deze maatschappij tot stand zullen brengen. Het moet studenten helpen nadenken over het doel van het leven en hen helpen om uit hun culturele werkelijkheid te stappen teneinde alternatieve visies en benaderingen voor de op handen zijnde problemen te ontwikkelen, de veelvoudige gevolgen van hun gedragingen te begrijpen en deze dienovereenkomstig te veranderen.

Scholen dienen zelf deelnemers aan het maatschappelijke transformatieproces te worden. Het leerplan kan niet alleen maar gericht zijn op het overbrengen van relevante kennis en vaardigheden; het moet veelmeer gericht zijn op het ontwikkelen van het enorme potentieel dat in de mens van nature aanwezig is. Mensen moeten geholpen worden om dit potentieel te kanaliseren richting de verbetering van hun gemeenschappen en de vooruitgang van de samenleving als geheel. Het bewustzijnsniveau en de diepgevoelde geest van dienstbaarheid en samenwerking die noodzakelijk zijn om persoonlijk gedrag en institutionele krachten te transformeren in de richting van duurzaamheid zal een transformatie van onderwijsprocessen vereisen die in verhouding is met de voor ons liggende taak.

Hoe de bahá’í-gemeenschap culturele transformatie benadert

Culturele transformatie betekent bewuste veranderingen in persoonlijke keuzes en in institutionele structuren en normen. Al meer dan tien jaar tracht de wereldwijde bahá´í- gemeenschap op systematische wijze een transformatie teweeg te brengen bij mensen en gemeenschappen in de hele wereld – het vermogen tot dienstbaarheid op te wekken en op te bouwen. Het actiekader dat leidend is voor deze activiteiten is verankerd in de dynamiek van het leren – gekenmerkt door actie, reflectie en consultatie. Bahá´ís hebben in duizenden gemeenschappen op buurtniveau processen in gang gezet door middel waarvan mensen van alle leeftijden in staat worden gesteld hun geestelijke capaciteiten11 te erkennen en te ontwikkelen en hun collectieve krachten te kanaliseren richting de verbetering van hun gemeenschappen. Zich bewust van de verlangens van de kinderen van de wereld en van hun behoefte aan geestelijk onderwijs, hebben zij kinderklassen opgezet die erop gericht zijn de basis te leggen voor een nobel en oprecht karakter. Voor jeugd van - 14 jaar hebben zij een leeromgeving gecreëerd die hen in deze kritieke levensperiode helpt hun morele identiteit te vormen en vaardigheden te ontwikkelen die hen in staat stellen hun constructieve en creatieve krachten te kanaliseren richting de verbetering van hun gemeenschappen. Ze worden allemaal uitgenodigd om in kleine groepen mee te doen met participerend leren rondom kernconcepten en thema´s die mensen aanmoedigen om in hun gemeenschappen een middel tot verandering te worden binnen een dynamiek van leren en een oriëntatie op dienstbaarheid.

De ontwikkeling van een curriculum voor deze activiteiten verloopt niet via de weg van ontwerp, praktijktoetsing en evaluatie. In tegendeel, de eerste stap om een pakket lesmateriaal samen te stellen wordt gezet als er, in respons op bepaalde ontwikkelingsbehoeften, ervaring ontstaat uit activiteiten van mensen aan de basis van de gemeenschap. Lesmaterialen worden voortdurend verbeterd naar aanleiding van nieuwe kennis en inzichten. De culturele veranderingen die plaats vinden worden zichtbaar in een groter vermogen om gezamenlijk activiteiten uit te voeren, om zichzelf te zien als een middel tot verandering in de gemeenschap, als een bescheiden student, als een actieve deelnemer in het voortbrengen, verspreiden en toepassen van kennis. De voortdurende cyclus van leren door middel van actie, reflectie en consultatie heeft besef doen ontstaan van de noden en hulpbronnen in allerlei gemeenschappen en heeft ook de werkwijzen voor gezamenlijke actie en beraadslaging verstevigd.

Daarnaast hebben professionals op verschillende gebieden zich in door bahá´í-principes en -waarden geïnspireerde organisaties verenigd om voor duurzame consumptie en productie te werken. Het European Bahá´í Business Forum en geaffilieerde organisaties in andere regio´s werken met business leaders om na te denken over maatschappelijke doelen zonder winstoogmerk, inclusief duurzaamheid in productieprocessen en bedrijfsverantwoordelijkheid. Het International Environment Forum12 promoot al lange tijd duurzame levensstijlen en ethischer consumptie, inclusief deelname in het vroegere Consumer Citizen Network in Europa en thans het Partnership for Education and Research for Responsible Living.

De tendens om culturele normen opnieuw te definiëren in het licht van de dringende behoefte aan rechtvaardigheid en duurzaamheid is duidelijk in opkomst. Leidende culturele instellingen, waaronder regeringen, onderwijs en media, evenals bedrijven, religieuze organisaties en maatschappelijke instellingen, brengen via verschillende maatregelen de waarden van duurzaamheid naar de voorgrond in het publieke bewustzijn. Bredere visies op het doel van de mens en op welvaart bewegen zich van de periferie naar het centrum van de publieke dialoog. Het wordt duidelijk dat de weg naar duurzaamheid er een zal zijn van bemoediging, samenwerking en een voortdurend proces van vragen stellen, leren en actie ondernemen in alle gebieden van de wereld. Die weg zal worden gevormd door de ervaring van vrouwen, mannen, kinderen, de rijken, de armen, de bestuurders en zij die bestuurd worden naargelang iedereen in staat is gesteld zijn of haar rechtmatige rol te spelen in de opbouw van een nieuwe samenleving. Wanneer de stormvloeden van consumentisme, ongebreidelde consumptie, extreme armoede en marginalisatie afnemen, zullen zij de menselijke vermogens tot rechtvaardigheid, wederkerigheid en geluk onthullen.

------- Footnotes:

1 Het voornaamste doel van het 10 Year Framework for Programmes is een mondiaal kader voor acties aangaande duurzame consumptie en productie (SCP) te vormen dat door landen kan worden goedgekeurd en waar ze zich aan kunnen verplichten teneinde de verandering naar duurzame consumptie- en productiepatronen te versnellen, waarbij sociale- en economische ontwikkeling binnen de draagkracht van ecosystemen bevorderd wordt en economische groei wordt losgekoppeld van milieuvervuiling. De grootste uitdaging is niet alleen de belangrijkste programma´s voor het kader te leveren, maar ook de werkwijzen voor hun implementatie ( bv. financiële ondersteuning, capaciteitsopbouw en technische hulp.) Zie: Proposed Input to CSD 18 and 19 on a 10 Year Framework of Programmes on Sustainable Consumption and Production. Third Public Draft (2 September 2009). Prepared by the Marrakech Process Secretariat: UN Department of Economic and Social Affairs (UNDESA) and UN Environment Programme (UNEP).http://esa.un.org/marrakechprocess/pdf/Draft3_10yfpniputtoCSD2Sep09.pdf ]

2 “Het toepassen van een Levenscyclusperspectief op het economische systeem kan een weg zijn om zowel de globale benadering van het 10 YFP te structureren alsook om duidelijke aanknopingspunten voor acties en voor deelnemers te bepalen. Het geeft de mogelijkheid om zich te richten op alleen productie of alleen consumptie, of op een geïntegreerde aandacht voor beide terwijl rekening wordt gehouden met de gevolgen voor economie, maatschappij en milieu van de producten en diensten gedurende hun hele levenscyclus. Omdat het is gebaseerd op het totaal van de hulpbronnen die in de productie van goederen en dienstverlening worden gebruikt evenals op het resulterende afval en de emissies, levert dit levenscyclusperspectief een holistisch beeld op van alle aanknopingspunten voor zowel herstel alsook mogelijke synergetische interventie tijdens de gehele productie- en consumptieketen.” Proposed Input to CSD 18 and 19 on a 10-YearFramework of Programmes (zie 1).

3 Idem

4 “De enorme energie die aan oorlog wordt besteed en verspild, hetzij economisch of politiek, zal in dienst gesteld worden van doelen die het bereik van uitvindingen en technologische ontwikkeling zullen vergroten, van de verhoging van de productiviteit van de mensheid, van de uitbanning van ziekte, van de uitbreiding van wetenschappelijk onderzoek, van het verhogen van het niveau van de lichamelijke gezondheid, van het aanscherpen en verfijnen van het menselijke verstand, van de exploitatie van de ongebruikte en onvermoede hulpbronnen van de planeet, van de verlenging van het menselijk leven en van de bevordering van elke instelling die het intellectuele, het morele en geestelijke leven van het gehele mensenras kan stimuleren.” Shoghi Effendi, The Worldorder of Bahá´u´lláh (Wilmette: Bahá´í Publishing Trust, 1991)

5 Volgens het Worldwatch Institute zijn de consumptie-uitgaven per persoon tussen 1960 en 2006 bijna verdrievoudigd. (Worldwatch Institute, State of the World 201: The Rise and Fall of Consumer Cultures. New York: W.W. Norton & Company, 2010). Jaarlijks wordt 60 miljard ton grondstoffen onttrokken, 50 % meer dan 30 jaar geleden. (Tim Jackson, Prosperity without growth? The transition to a sustainable economy. London: Sustainable Development Commission. March 2009; [http://www.sd-commission.org.uk/ publications/downloads / prosperity_without_growth_report.pdf ]. Het 2005 Millennium Ecosystem Assessment kwam tot de ontdekking dat ongeveer 60 % van de ecosysteem diensten –klimaatregulering, vers watervoorziening, afvalstoffenverwerking, voedsel van viskwekerijen enz. achteruit gegaan waren of niet-duurzaam gehanteerd werden. (Millennium Ecosystem Assessment, Ecosystems and Human Well-Being: Synthesis. Washington, DC: Island Press, 2005.)

6 Action Aid (United Kingdom). Fact File. (http://www.actionaid.org.uk). See also: Sperling, Gene B. (Director of the Center for Universal Education, USA). The Case for Universal Basic Education for the World’s Poorest Boys and Girls. November 2005. (Council on Foreign Relations, www.cfr.org).

7 The Case for Center for Disease Control and Prevention. Economic Facts About U.S. Tobacco Use and Tobacco Production. (Cites 2005 data). [http://www.cdc.gov/tobacco/data_statistics/fact_sheets/economics/econ_facts/index.htm].

8 United Nations. Press Release. Secretary-General Calls for $30 Billion to Restructure World Agriculture, Create Long-Term Food Security.30 November 2008. [http://www.un.org/esa/ffd/doha/press/foodsideevent.pdf ] 9 “De kosten van het dichten van de kloof tussen huidige trends en datgene wat nodig is om het doel te bereiken worden op een bedrag van 10 tot 18 miljard dollar per jaar geschat.” United Nations Department of Public Information. Press Release. Secretary-General, addressing side event, spells out areas ‘crying out for action’ to advance implementation of water and sanitation agenda. 25 September 2008. [http://www.un.org/News/Press/docs/2008/sgsm11813.doc.htm]. 10 International Institute for Strategic Studies. [http://www.iiss.org/whats-new/iiss-in-the-press/february-2010/reportmilitary-spending-unaffected-by-recession/] 11 Net zoals het fysieke lichaam fysieke vermogens bezit voor beweging, groei, enz., heeft ook de ziel vermogens die bewust ontwikkeld kunnen worden. Deze vermogens zijn: het menselijk bewustzijn; de kracht van het intellect en rationeel denken; het vermogen om lief te hebben; de wilskracht; en het vermogen om in actie te komen en te blijven t.b.v. de verbetering van de samenleving, om er maar enkele te noemen.

12 International Environment Forum: www.iefworld.org

13 Partnership for Education and Research about Responsible Living: http://www.hihm.no/hihm/Prosjektsider/CCN/PERL


Table of Contents: Albanian :Arabic :Belarusian :Bulgarian :Chinese_Simplified :Chinese_Traditional :Danish :Dutch :English :French :German :Hungarian :Italian :Japanese :Korean :Norwegian :Persian :Portuguese :Romanian :Russian :Spanish :Swedish :Turkish :Ukrainian :